Wat schrijf je op een kaart voor iemand met kanker?

Toen ik kanker had, genoot ik het meest van kaarten. Het liefst kaarten die iemand zelf had uitgezocht in een boekhandel of kaartenwinkeltje, en met de hand had geschreven. Dan voel je dat iemand echt de moeite heeft gedaan om iets te vinden dat past bij de situatie, of bij jou. Maar wat schrijf je er dan op? Hier vind je voorbeeldzinnen en tips.

Wanneer stuur je een kaart?

Eigenlijk altijd. Ik kreeg kaarten vanaf het moment van de diagnose tot het moment dat ik schoon werd verklaard. Bijvoorbeeld:

  • Als reactie op nieuws.
  • Gewoon zomaar tussendoor, omdat je aan iemand denkt.
  • Als iemand laat weten dat het niet zo lekker gaat.
  • Vlak voor een uitslag, een scan of een chemobehandeling.
  • Vlak na een uitslag of scan.
  • Op de slechtste dag na een chemo. Voor mij was dat altijd dag 4.

Wat schrijf je op een kaart?

Ik kon zelf nergens een kaart vinden die zegt: sterkte met je kanker. Dus heb ik ze zelf ontworpen. Je vindt ze in de winkel, per tien stuks.

Sommige mensen zijn geboren kaartenschrijvers. Geef ze een pen en de mooiste teksten stromen eruit. Ben jij dat niet, of wil je even inspiratie? Deze zinnen kun je zo gebruiken:

  • Geen woorden, gewoon een dikke knuffel op papier.
  • Ik heb geen magische woorden, geen oplossing en ook geen extreme wijsheid. Maar wél chocolade. Of koekjes. Of wijn. Je hoeft het maar te zeggen.
  • Ik wilde een diep filosofische boodschap op deze kaart zetten, maar toen besefte ik dat je waarschijnlijk meer hebt aan iemand die gewoon vraagt: wil je koffie, thee of wijn? Zeg het maar!
  • Ik hoop dat je een dag hebt met een paar goede momenten, een klein beetje lucht en iemand die je keihard aan het lachen maakt.
  • Als je een keer behoefte hebt aan een gesprek dat nergens over gaat: you know where to find me.

Je kunt de goede woorden niet vinden?

Stuur de kaart dan toch. Je kunt het zelfs gewoon opschrijven: Ik heb deze kaart al dagen liggen en kan niet de goede woorden vinden. Ik besloot hem toch maar te sturen. Alles beter dan dat hij in de la blijft liggen, dacht ik. Lang verhaal kort: ik denk aan je.

Een kaart met één onhandige zin is altijd beter dan stilte uit angst om het verkeerd te doen.

Welke toon past?

Dat verschilt per persoon. De een vindt een beetje humor heerlijk, de ander wil liever geen grapjes over ziekte. Weer een ander houdt van wijze woorden of poëzie. Twijfel je, houd het dan gewoon normaal en persoonlijk. Wees voorzichtig met heldentaal als Je bent zo sterk of Jij bent een vechter. Waarom, lees je bij de tips.

Vergeet de mensen eromheen niet

Ik was ook heel blij als mensen de moeite namen om Joost een kaart te sturen. Ik denk dat hij er in die periode maar drie heeft gekregen. Dat hadden er wel driehonderd mogen zijn. Stuur dus af en toe ook iets naar de partner, en vergeet ouders, broers en zussen niet.

Meer over iemand steunen bij kanker

Een kaart sturen is maar één manier om er te zijn voor iemand met kanker. In Kank’r nog bellen? – Handboek voor omgaan met iemand met kanker vind je nog meer voorbeeldzinnen. En lijstjes waarin degene die ziek is kan aangeven welke kaartjes en berichtjes fijn zijn, en wanneer.